Vandaag nemen we twintig vogelsoorten waar. Interessant is dat het schip bijna altijd reuzenalbatrossen in zijn zog heeft; soms zijn er wel zes van diverse leeftijd. We zien in het totaal zes albatrossoorten en ook drie soorten pijlstormvogels, waaronder de eerste grote pijlstormvogel van onze reis, tevens de eerste nieuwe vogelsoort sedert enkele weken.
Er zijn eveneens veel Pterodroma, in hoofdzaak donsstormvogels. Bij de twee- tot driehonderd exemplaren die we zien, zijn er drie van de donkere vorm. Deze vorm is bekend, maar staat in de literatuur als heel zeldzaam geboekstaafd. Nu is één op de honderd individuen niet zeldzaam. Het zou de moeite lonen uit te zoeken waar deze donsstormvogels nestelen en dan na te gaan of er in deze kolonies verhoudingsgewijs niet meer donkere individuen zijn dan elders, wat taxonomisch betekenisvol zou kunnen zijn. Er vertonen zich vandaag niet veel zoogdieren, maar laat op de middag zien we drie walvissen hun ademwolk spuiten. Ze duiken dicht bij de Papanin op en met behulp van foto’s identificeren we ze als Noordse vinvissen (deze soort is nieuw voor mij).
Bij het vallen van de avond komt de Papanin in een gebied met heel veel vogels (tussen 44°15’ Z; 19°25’O en 44°00’Z 19°20’O): tientallen witkopstormvogels, honderden donsstormvogels, tientallen kleine pijlstormvogels, honderden grauwe pijlstormvogels en opnieuw prions. Er zijn ook veel albatrossen: we kunnen vandaag minstens twaalf reuzenalbatrossen, tientallen wenkbrauwalbatrossen, grijskopalbatrossen, roetkopalbatrossen op onze ‘terugvaartlijst’ schrijven. In de verte spuiten walvissen, maar we zien niet welke. Spijtig genoeg wordt het vlug donker.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten